Wetgeving incasso: consument of onderneming, welke wet geldt?
De wetgeving rond incasso in België bestaat uit 2 aparte kaders. Welk kader op uw dossier van toepassing is, hangt volledig af van de hoedanigheid van uw schuldenaar. Voor een consument gelden sinds 2023 strikte regels rond herinneringen en kosten. Bij een handelsfactuur tussen bedrijven geldt een heel ander regime.
Wie de verkeerde regels toepast, verliest zijn recht op het schadebeding volledig. Via het formulier op deze pagina vergelijkt u vrijblijvend geregistreerde incassopartners.
- Welke incassoregels gelden, hangt volledig af van uw schuldenaar: Boek XIX WER bij een consument, de Wet Betalingsachterstand bij een onderneming.
- Bij een consument stuurt u eerst een kosteloze herinnering en wacht u veertien kalenderdagen; het schadebeding blijft gestaffeld en bedraagt maximaal 2.000 euro.
- Tussen ondernemingen geldt een betaaltermijn van 30 dagen, contractueel maximaal 60, met verwijlintrest vanaf de dag na de vervaldag en 40 euro forfait.
- Een incassobureau werkt uitsluitend minnelijk en moet ingeschreven zijn bij de FOD Economie; enkel een gerechtsdeurwaarder legt beslag met uitvoerbare titel.
- Past u de verkeerde regels toe? Dan vervalt uw schadebeding volledig en houdt u enkel de hoofdsom over.
Inhoud
Wat is de betekenis van incaso in de Belgische wetgeving?
Incasso is het invorderen van een openstaande schuld, door de schuldeiser zelf of door een derde die daarvoor wordt aangesteld. De Belgische wetgeving spreekt over de minnelijke invordering van schulden. Die term dekt elke poging om betaling te verkrijgen zonder tussenkomst van een rechter.
Een incassobureau, een advocaat en een gerechtsdeurwaarder kunnen alle 3 als schuldinvorderaar optreden. Hun bevoegdheden lopen wel sterk uiteen.
Minnelijke invordering versus gerechtelijke invordering
Minnelijke invordering gebeurt buiten de rechtbank. De schuldinvorderaar stuurt herinneringen, belt en onderhandelt over een afbetalingsplan, maar kan niets afdwingen. Gerechtelijke invordering vereist een uitvoerbare titel, doorgaans verkregen via een dagvaarding en vonnis of een notariële akte. Pas met zo’n titel volgt beslag. Die volgorde is niet optioneel.
Wie mag schulden invorderen: incassobureau, advocaat of gerechtsdeurwaarder?
Drie groepen incassodienstverleners mogen in België schulden invorderen: incassobureaus, advocaten en gerechtsdeurwaarders. Wie u inschakelt, bepaalt hoever het dossier kan gaan.
| Wettelijk statuut | Bevoegdheid | Registratie | |
|---|---|---|---|
| Incassobureau | Onderneming | Uitsluitend minnelijk | Verplichte inschrijving bij de FOD Economie |
| Advocaat | Vrij beroep | Minnelijk en gerechtelijk | Balie |
| Gerechtsdeurwaarder | Openbaar ambtenaar | Minnelijk, plus betekening en beslag met titel | Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders |
De werking van een incassobureau blijft beperkt tot aanmanen en onderhandelen, meestal op basis van no cure no pay. Verder reikt zijn mandaat niet, ook niet wanneer de schuldenaar blijft zwijgen.
Een advocaat dekt het volledige traject. Hij voert eerst de minnelijke fase en kan daarna dagvaarden om een vonnis te bekomen. Dat maakt hem de logische keuze bij betwiste of juridisch complexe vorderingen.
De gerechtsdeurwaarder is een openbaar ambtenaar en mag eveneens minnelijk optreden. Zijn onderscheid zit in de uitvoerende fase: met een uitvoerbare titel kan hij betekenen en beslag leggen.
Incasso wetgeving België: twee wettelijke kaders
Welk kader geldt, hangt af van wie uw schuldenaar is. Bij een consument geldt Boek XIX van het Wetboek van economisch recht.
Is uw klant een onderneming? Dan valt de factuur onder de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties. Die tweede wet dekt ook transacties waarbij een overheid de schuldenaar is. Beide regimes verschillen op elk punt dat financieel telt.
| Schuldenaar is consument | Schuldenaar is onderneming | |
|---|---|---|
| Toepasselijke wet | Boek XIX WER | Wet Betalingsachterstand |
| Eerste herinnering | Verplicht en kosteloos | Niet verplicht |
| Wachttermijn | Minimaal 14 kalenderdagen | Geen |
| Plafond op kosten | Wettelijke staffel, max. € 2.000 | Geen wettelijk plafond |
| Verwijlintrest | Pas na de wachttermijn | Automatisch vanaf de vervaldag |
| Toezicht | Economische Inspectie | Geen sectortoezicht |
Voor bepaalde onbetwiste B2B-schulden bestaat daarnaast de IOS-procedure. Daarmee kan een schuldeiser via een advocaat en gerechtsdeurwaarder onder voorwaarden een uitvoerbare titel zonder klassieke rechtszaak verkrijgen. De procedure geldt alleen voor specifieke zakelijke geldschulden en staat los van de gewone regels voor minnelijke incasso.
Wat met huurders?
Een huurder handelt doorgaans als consument, ook wanneer de verhuurder een vennootschap is. Achterstallige huur valt daardoor onder Boek XIX, met de kosteloze herinnering en de wachttermijn van veertien kalenderdagen. Dat verrast heel wat vastgoedbeheerders die vaststellen dat hun huurder niet betaalt.
Tussen bedrijven ligt het anders. Daar loopt de verwijlintrest automatisch vanaf de dag na de vervaldag, zonder voorafgaande ingebrekestelling, wat de invordering van onbetaalde facturen merkbaar versnelt.

Wat zijn de nieuwe regels voor incasso in België?
De nieuwe regels staan in Boek XIX WER, ingevoerd door de wet van 4 mei 2023. Die wet hief de wet van 20 december 2002 betreffende de minnelijke invordering van schulden van de consument volledig op. Sinds 1 september 2023 geldt Boek XIX voor overeenkomsten die vanaf die datum zijn gesloten. Sinds 1 december 2023 geldt het ook voor oudere contracten, zodra de betalingsachterstand daarna ontstaat.
Het toezicht ligt bij de Economische Inspectie.
De verplichte kosteloze eerste herinnering
Blijft een consument in gebreke? Dan moet uw eerste herinnering gratis zijn. U mag daarin enkel de hoofdsom opeisen. Interesten en schadebeding komen later. Na verzending start een wachttermijn van minimaal veertien kalenderdagen. In die periode kan de klant betalen, een afbetalingsplan voorstellen of de schuld gemotiveerd betwisten.
Die herinnering moet een aantal gegevens bevatten:
- Naam en adres van uw onderneming en van de klant
- Het openstaande saldo en het schadebeding bij verdere wanbetaling
- Een beschrijving van het geleverde product of de dienst
- De vervaldatum van de oorspronkelijke schuld
- De procedure om de schuld te betwisten
Wat een schuldinvorderaar niet mag doen
De wetgeving voor incassobureaus beperkt ook het gedrag van uw incassopartner. Overtreedt die de regels? Dan raakt de sanctie uw vordering en niet zijn portefeuille. Verboden zijn onder meer:
- Bedragen vorderen die niet contractueel of wettelijk verschuldigd zijn
- Juridische stappen aankondigen die feitelijk niet mogelijk zijn
- Verder invorderen zolang een gemotiveerde betwisting loopt
- De invordering voortzetten nadat de consument schuldbemiddeling heeft aangevraagd
- Huisbezoeken afleggen die niet aan de wettelijke voorwaarden voldoen
Een consument die zich onheus behandeld voelt, kan een klacht indienen bij de Economische Inspectie.

Wat zijn de wettelijke termijnen voor incasso?
Tussen ondernemingen bedraagt de wettelijke betaaltermijn 30 kalenderdagen. Contractueel mag u daarvan afwijken tot maximaal 60 kalenderdagen. Een langere termijn wordt voor niet geschreven gehouden, waardoor automatisch de wettelijke 30 dagen gelden.
Sinds 1 februari 2022 telt een eventuele verificatietermijn mee binnen die 60 dagen. De constructie waarbij een lange controleperiode de betaaltermijn kunstmatig oprekte, is daarmee afgesloten.
| Situatie | Termijn |
|---|---|
| B2B zonder contractuele afspraak | 30 kalenderdagen |
| B2B met contractuele afspraak | Maximaal 60 kalenderdagen |
| Verificatietermijn B2B | Valt binnen de betaaltermijn |
| Wachttermijn na kosteloze herinnering | Minimaal 14 kalenderdagen |
| Aanvang verwijlintrest B2B | Dag na de vervaldag |
Wet incassokosten: welke kosten mag u aanrekenen?
Wat u bovenop de hoofdsom aan incassokosten mag vorderen, verschilt fundamenteel per type schuldenaar. Bij een consument geldt een wettelijk plafond dat u niet kunt omzeilen via uw algemene voorwaarden. Bij een zakelijke klant bestaat dat plafond niet.
Het schadebeding bij een consument
Artikel XIX.4 WER legt een vaste staffel op. Het schadebeding dekt zowel de verwijlintresten als alle incassokosten van de minnelijke fase samen.
| Openstaand saldo | Maximaal schadebeding |
|---|---|
| Tot € 150 | € 20 |
| € 150,01 tot € 500 | € 30 + 10% op de schijf |
| Boven € 500 | € 65 + 5% op de schijf, max. € 2.000 |
Overschrijdt uw contractuele clausule een van die grenzen? Dan wordt het volledige schadebeding voor niet geschreven gehouden. U houdt dan enkel de hoofdsom over.
Verwijlintrest en forfaitaire vergoeding bij een onderneming
Bij een handelsfactuur loopt de verwijlintrest van rechtswege vanaf de dag na de vervaldag. Een ingebrekestelling is niet nodig. Daarnaast heeft u recht op een forfaitaire vergoeding van 40 euro per onbetaalde factuur voor uw eigen invorderingskosten.
Liggen uw werkelijke kosten hoger? Dan kunt u een redelijke schadeloosstelling vorderen bovenop dat forfait. De FOD Financiën herziet de intrestvoet elk semester. Voor het eerste semester van 2026 bedroeg die 10,5 procent, tegenover 12,5 procent in 2024.
Onbetaalde facturen correct opvolgen?
Vind de juiste incassopartner voor uw onderneming.
Ontvang gratis offertes en adviesOnbetaalde facturen correct opvolgen?
Vind de juiste incassopartner voor uw onderneming.
Ontvang gratis offertes en adviesWat riskeert u als u de incassoregels niet naleeft?
De zwaarste sancties treffen de schuldeiser, niet de schuldenaar. Leeft u de verplichtingen rond de kosteloze herinnering of het plafond niet na? Dan is de consument van rechtswege vrijgesteld van het schadebeding. De rechter kan bovendien bevelen dat al geïnde bedragen worden terugbetaald, verhoogd met verwijlintresten vanaf de betaaldatum.
Uw schuldinvorderaar moet vóór de eerste ingebrekestelling nagaan of het schadebeding conform is. Stelt hij een overschrijding vast, dan mag hij de consument niet aanschrijven. Een dossier dat daarop strandt, kost u tijd en levert niets op.
Uw algemene voorwaarden wettelijk in orde brengen
Jaren na de volledige inwerkingtreding bevatten nog altijd veel contracten clausules die niet stroken met Boek XIX. Twee gescheiden sets voorwaarden lossen dat op: een voor consumenten en een voor zakelijke klanten. Zo blijft uw B2B-clausule bruikbaar zonder dat ze uw consumentendossiers aantast.
Sinds 1 januari 2026 verloopt de facturatie tussen Belgische btw-plichtige ondernemingen verplicht elektronisch via het Peppol-netwerk. Een gestructureerde e-factuur heeft geen keerzijde, dus de klassieke vermelding van uw voorwaarden achterop de factuur valt weg.
Leg ze daarom vast in de offerte, de bestelbon of het contract. Zonder dat bewijs staat u zwak zodra wanbetaling uitmondt in een procedure.
Openstaande facturen laten invorderen? Ontvang gratis offertes
Blijft een klant ondanks herinneringen in gebreke? Dan wint u met een geregistreerde partner tijd en juridische zekerheid. Vraag gratis incasso offertes aan bij gespecialiseerde incassopartners en ontvang tot 5 vrijblijvende voorstellen.